Verloren tien stammen Wat zijn de Joodse opinies over de tien stammen?

Hier volgen een paar aanhalingen uit de beschouwingen van gezaghebbende joodse meningen over deze zaak.

De joodse encyclopedie Vol.12.p.249­:“Als de Tien Stammen verdwenen zijn, dan zal de letterlijke vervulling van de Schrift onmogelijk zijn. Als zij niet ver­dwenen zijn, is het vanzelfsprekend, dat zij onder andere namen bekend zijn”­.

Dr.Hertz, toenmalig hoofdrabbijn van het Britse rijk, heeft op 18 november 1918 deze brief geschreven aan Rev.Merton Smith:

Geachte Heer,

De opperrabbijn heeft mij verzocht, in antwoord op uw brief van 15 dezer, het volgende te verklaren:

  1. Zij, die tegenwoordig als joden bekend staan­, zijn nako­melingen van de stammen Juda en Benjamin, doch zij bevatten ook een zeker aantal nakome­lingen van de stam Levi.
  2. Voor zover bekend, is er geen enkele verder­e vermen­ging met de andere stammen.
  3. De Tien Stammen zijn opgegaan, is van (absorbed among) de natiën der wereld. (Zie 2 Koningen 2:17, meer in het bijzonder de verzen 22-23).
  4. Wij zien uit naar de dag in de toekomst, waarop alle stammen verza­meld zullen worden (zie Jesaja 27:11-12; en Ezechiël 37:15-19). Met hartelijke groeten van de opperrabbijn, verblijf ik, Hoogachtend,

Uw w. g. E. Drielsma secretaris.

De Jewish Chronicle van 2 mei 1879:

“De lotsbestemming van de verloren Tien Stammen van Israël, is een verborgenheid die een bijzondere bekoring heeft voor sommige mensen. Terwijl er geen schakeltje in de historische ketting vermist wordt, zover het, het overblijfsel van het “Huis van Juda” betreft, verdwenen zijn de Israëlieten, die door de Assyriërs overrompeld zijn, zo onverwachts en zo volkomen, zijn zij uit de geschiedenisrollen verdwenen, alsof het land van hun ballingschap hen ingeslikt heeft. Daar was echter nog altijd een huivering om te aanvaarden, dat dit lot dat andere natiën getroffen heeft, ook de Tien Stammen zou zijn overkomen.

Waarom zouden zij een zwakkere overlevingskracht dan hun broeders van Juda hebben? Nee, de Schrift spreekt van een toekomstig herstel van Israël, dat beiden, Efraïm (Tien Stammen) en Juda zal insluiten. Het probleem is eigenlijk eenvoudig: de Tien Stammen bestaan zeer beslist. Al wat voor ons van belang is, is te ontdekken uit welke volkeren zij bestaan. (De West Europese blanke volkeren, vert)”.

Het vierde boek Ezra 13:40-47:

“Dezen zijn de tien stammen, die uit hun land gevangen zijn genomen in de dagen van den koning der Assyriërs gevankelijk weggevoerd heeft, en heeft hen over de rivier gevoerd, en zij zijn over ge­bracht in een ander land. Doch zij besloten, dat zij de menigte der heidenen zouden verlaten, en in een verder land vertrekken, waar geen mensche­lijk geslacht ooit tevoren ge­woond had. Daar wilden zij hun rechten onderhou­den, die zij in hun land niet gehouden hadden. Zij zijn dan daarin getogen door de enge ingangen van de rivier Eufraat. Want de Aller­hoogste deed hun toen teekenen, en hield de aderen der rivier op, totdat zij daarover gegaan zijn. Want door dat land was een weg van een lange reis van anderhalf jaar, daarom wordt die landstreek Assareth genoemd. Toen hebben zij daarin gewoond tot den laatste tijd; en als zij nu weder zullen beginnen te komen. Zoo zal de Allerhoogste weder de aderen der rivier ophouden, opdat zij daarover gaan mogen; daarom hebt gij deze menigte vreed­zaam gezien”.

Uittreksels uit “THE JEWISH QUARTERLY RE­VIEW 1888 vol. 1”

(P.15). “De ballingen van Israël die aan de overkant van de Eufraat weggevoerd zijn, zijn niet als geheel naar Palestina, samen met hun broeders de gevangenen van Juda, terugge­keerd; er wordt ten minste geen melding gemaakt van zo’n gebeurtenis in documenten die ons ter beschikking staan”.

(P.17). “Om de waarheid te zeggen, de terugkeer van de Tien Stammen is nog altijd een van de grootst­e beloften van de profeten, en de komst van de Messias is een noodzakelijke gebeurtenis die erg in verband met hun verlossing staat”.

(P.21). “De hoop op de terugkeer van de Tien Stammen is nooit onder de joden vervaagd deze hoop heeft nog altijd in ver­band gestaan met elke Messiaanse opstand”.

De Israël identiteit, is de sleutel tot een beter begrip van de profetie

De profetieën van de Bijbel zullen nooit goed vertolkt worden, zolang er geen onderscheid gemaakt wordt tussen het “Huis van Israël” (Tien Stammen) en het “Huis van Juda” (Twee Stammen). De Bijbel is in grote mate, zover dit Gods plan met de wereld betreft, een gesloten boek blijven, zolang de leer en profetie over Israël, alleen op de jood zoals hij vandaag is, wordt toegepast. Wij zullen verder in deze reeks bewijzen leveren, dat de jood zo vermengd is, dat hij een uiterst onzuivere natie is en dat veel joden geen Israël bloed in hun aderen hebben. Zij kunnen dus geen aanspraak maken op de beloften, van God aan Israël gegeven.

In het begin van de Bijbel vinden wij, dat satan de Babyloni­sche heidense natiën heeft uitgekozen, om zijn aardse vennoten te zijn, in zijn opstand tegen God. Israël was de natie, door God gekozen om Zijn aardse instrument te zijn, in de uitvoering van Zijn plan met de wereld. Israël was ontrouw aan haar hemelse roeping en als straf (voor een korte tijd), zouden de Babylonische natiën met hun stelsels onder satan, de over­hand krijgen. Maar door het Bloed van Jezus aan het kruis, heeft God het Nieuwe Verbond met zijn Volk Israël bekrachtigd.

Jeremia 31:31-34:“Zie, de dagen komen, luidt het woord des Heren, dat Ik met het huis van Israël en het huis van Juda een nieuwe ver­bond sluiten zal. Niet zoals het verbond, dat Ik met hun vade­ren gesloten heb ten dage dat Ik hen bij de hand nam, om hen uit het land Egypte te leiden: mijn verbond, dat zij verbroken hebben, hoewel Ik heer over hen ben, luidt het woord des Heren. Maar dit is het verbond, dat Ik met het huis van Israël slui­ten zal na deze dagen, luidt het woord des Heren: Ik zal mijn wet in hun binnenste leggen en die in hun hart schrijven, Ik zal hun tot een God zijn en zij zullen Mij tot een volk zijn. Dan zullen zij niet meer een ieder zijn naaste en een ieder zijn broeder leren: kent de Here.

Want zij allen zullen Mij kennen, van de kleinste tot de grootste onder hen, luidt het woord des Heren, want Ik zal hun ongerechtigheid vergeven en hun zonde niet meer gedenken

Hebreeën 8:8-12:“Want Hij berispt hen, als Hij zegt: Zie, er komen dagen, spreekt de Here, dat Ik voor het huis Israels en het huis Juda een nieuw verbond tot stand zal brengen, niet zoals het verbond, dat Ik met hun vaderen maakte ten dage, dat Ik hen bij de hand nam om hen uit het land Egypte te leiden, want zij hebben zich niet gehouden aan mijn verbonden Ik heb Mij niet meer om hen bekommerd, spreekt de Here.  Want dit is het verbond, waarmede Ik Mij verbinden zal aan het huis Israels na die dagen, spreekt de Here: Ik zal mijn wetten in hun verstand leggen, en Ik zal die in hun harten schrijven, en Ik zal hun tot een God zijn en zij zullen Mij tot een volk zijn.  En niet langer zullen zij een ieder zijn medeburger, en een ieder zijn broeder leren, zeggende: Ken de Here, want allen zullen zij Mij kennen, van de kleinste tot de grootste onder hen.  Want Ik zal genadig zijn over hun ongerechtigheden, en hun zonden zal Ik niet meer gedenken”.

Jesaja 53:8:“Hij is uit verdrukking en gericht weggenomen, en wie onder zijn tijdgenoten bedacht, dat hij is afgesneden uit het land der leven­den? Om de overtreding van mijn volk is de plaag op hem geweest“.

Hiermee heeft Hij hun schuld betaald en hen weer waardig gemaakt om Zijn Koninkrijk op aarde te zijn, waarmee Hij de hele wereld voor Zich zal terug winnen. Dan zal het Onze Vader beantwoord­ worden: Onze vader die in de Hemel zijt, Uw naam worde geheiligd; uw Koninkrijk kome; uw wil ge­schie­de, gelijk in de hemel alzo ook op de aarde” (Matteüs 6:9-10).

This entry was posted in Artikelen. Bookmark the permalink.

Comments are closed.